Het European Court of Justice (ECJ) besliste op 25 november 2025 dat alle EU-landen verplicht zijn om een huwelijk tussen twee personen van hetzelfde geslacht te erkennen, als dat huwelijk in een ander EU-land legaal is gesloten. Ook als hun eigen wetgeving het homohuwelijk niet toestaat.
Dit geldt voor koppels die in het buitenland trouwden en daarna terugkeren naar hun eigen land. Hun huwelijk moet erkend worden — bijvoorbeeld voor zaken als inschrijving, belastingen, erfrecht, of medische rechten.
De uitspraak zegt niet dat landen het homohuwelijk nu zelf moeten invoeren. Maar zodra een huwelijk elders in de EU wettig is voltrokken, kunnen landen het niet weigeren te erkennen.
Voor veel LHBTI+-paren betekent dit meer zekerheid en bescherming: hun relatie wordt erkend, ook in landen die nog geen homohuwelijk toestaan.
Wat betekent dit in de praktijk?
EU-landen behouden hun eigen wetgeving over het homohuwelijk. De uitspraak verplicht landen dus niet om zelf het homohuwelijk in te voeren. Maar: zodra een huwelijk elders in de EU rechtsgeldig is gesloten, moet elk EU-land dat huwelijk erkennen. Dat moet gebeuren zonder onderscheid of extra belemmeringen. Daarmee staat vast dat landen binnen de EU het huwelijk van gelijkgeslachtelijke koppels niet mogen negeren, ook niet als ze zelf geen homohuwelijk kennen.
Waarom is deze uitspraak belangrijk?
Voor paren
Koppels die in het buitenland trouwen, krijgen meer zekerheid. Hun huwelijk telt voortaan in alle EU-landen, ook als hun eigen land het homohuwelijk niet toestaat.
Voor de positie van LHBTI+ personen
De uitspraak laat zien dat lidstaten het recht op gelijkwaardigheid en familie- en gezinsleven moeten respecteren. Een geldig huwelijk mag niet ongeldig worden zodra iemand de grens overgaat.
Voor landen zonder homohuwelijk
De uitspraak maakt duidelijk dat niet-erkenning neerkomt op discriminatie. EU-landen mogen LHBTI+ paren niet anders behandelen dan heteroparen wanneer het gaat om huwelijksdocumenten van andere lidstaten.
Voor EU-burgerrechten
Het arrest zorgt voor meer duidelijkheid en voorkomt dat paren hun rechten verliezen wanneer zij wonen, werken of studeren in een ander EU-land.